Hulphond is meer dan een gezelschapsdier

Eén koekje kan al een dikke bult opleveren

De uitspraak ‘mijn hond is mijn wereld’ zal voor vrijwel alle baasjes opgaan, maar voor mensen die in het bezit zijn van een geleidehond is dat letterlijk waar. Zij zijn afhankelijk van hun hond. Als die zijn werk niet goed kan doen, kunnen zij niet veilig naar buiten.

Een geleidehond kan verschillende functies vervullen. Sommige honden helpen een blinde of slechtziende baas zich veilig door het verkeer te bewegen, andere zijn buddyhond voor een volwassene met posttraumatisch stresssyndroom of een kind met autisme en weer andere honden zijn assistentiehond voor mensen met een lichamelijke handicap. Eén ding hebben ze met elkaar gemeen: als ze aan het werk zijn moeten ze hun aandacht volledig op hun baas kunnen richten. Helaas wordt dat hen met regelmaat moeilijk gemaakt. Ongeveer een derde van de eigenaren van een geleide- of hulphond heeft dagelijks te maken met afleiding.
Afleiding kan van andere (loslopende) honden komen. Bijvoorbeeld omdat de vreemde hond kennis wil maken door onder de staart te ruiken of de geleidehond uitnodigt tot spel. Soms komt het door gegrom of geblaf. En in sommige gevallen blokkeert de vreemde hond de weg, waardoor de geleidehond zijn baas niet verder kan loodsen.
Geleidehonden zijn getraind om andere honden te negeren, maar worden toch uit hun concentratie gehaald door zulke incidenten. Voor de baasjes geeft een dergelijke situatie veel stress: ‘’Ik word heel gespannen van loslopende honden, omdat ik niet kan inschatten wat die andere hond gaat doen. Ik kan het gedrag van de andere hond niet zien (omdat ik visueel gehandicapt ben), weet niet waar de baas zich bevindt en kan daar dus niet op anticiperen’’, aldus een respondent van een grootschalig onderzoek van de KNGF (Koninklijk Nederlands Geleidehonden Fonds) over afleiding op straat.

Wachttijd

Confrontaties met andere honden kunnen ook minder onschuldig van aard zijn. Enkele jaren geleden werd een blindengeleidehond tijdens een wandeling in het Diemerbos ernstig verwond door een andere hond. De baas van de andere hond greep in, maar na een korte woordenwisseling verliet hij het bos, de gewonde geleidehond en diens baas achterlatend. Een verschrikkelijke ervaring voor de baas: ‘’Je voelt nattigheid, ruikt het bloed, maar je weet verder niets.’’
Na behandeling door de dierenarts en een hernieuwde training kon geleidehond Ian zijn taak gelukkig weer op zich nemen. Was hij daar niet toe in staat geweest, dan had zijn baas weer op de wachtlijst gemoeten totdat er een nieuwe hond voor hem beschikbaar was. Die wachttijd is gemiddeld 8 maanden. 8 lange maanden waarin de baas niet zelfstandig naar buiten had gekund en geen trouwe vriend in huis had gehad.

Aaien

Minstens even vaak zijn het mensen die voor afleiding zorgen. Het gaat hierbij meestal om volwassenen die de hulp- of geleidehond aaien, lokgeluidjes maken of tegen hem praten. Sommige mensen proberen de hond zelfs iets lekkers toe te stoppen. Deze mensen bedoelen het ongetwijfeld goed, maar veel honden raken hierdoor afgeleid en dat kan hun baas in gevaar brengen. Dit kan variëren van een slechtziende die tegen een lantaarnpaal oploopt tot ziekenhuisopname omdat een hond een epileptische aanval van zijn baas niet aan voelde komen. ‘’Ze lokken mij hond in de bus of bij het stoplicht. Vooral dat laatste vind ik heel vervelend, want bij een stoplicht moet ik zelf ook heel goed opletten wanneer ik kan oversteken’’, vertelt een client van KNGF geleidehonden. ‘’Mijn hond verwacht na een lief woord ook een aai. Hij gaat daarvan uit. Hij focust zich dan op de persoon die tegen hem gesproken heeft in de hoop op meer. Als ik op straat loop en iemand zegt op een hoog toontje ‘Ah, wat is hij toch knap!’ stopt hij en kijkt naar diegene. Ik moet hem dan weer aansporen door te lopen.’’
Marjanne, baasje van een assistentiehond, maakte op een terras mee dat sommige mensen wel héél volhardend zijn. ‘’Een tafeltje verderop zat een stel waarvan de man alles op alles zette om de aandacht te trekken van mijn hond Varaya. De lieve schat gaf geen kik op de lokroep van de man, waarop hij zwaarder geschut inzette en zijn hand naar mijn golden retriever uitstak. Varaya gedroeg zich voorbeeldig en ging niet in op zijn avances, maar toen hij een dot slagroom op een lepel smeerde en die naar haar uitstak, kon ze de verleiding niet langer weerstaan. De man keek er triomfantelijk bij. Zijn vrouw zei trots: ‘Hij is het al de hele tijd aan het proberen hoor!’ Een dergelijke ervaring betekent dat de KNGF nog een keer terrastraining moet doen met de hond zodat Varaya leert dat dit niet de normale gang van zaken is.

Goed bedoeld

De vriendelijke woorden en het lekkers zijn ongetwijfeld goed bedoeld, maar halen de hond uit zijn concentratie. Sommige honden hebben er moeite mee om die weer terug te vinden. Die lieve woorden of dat toegestopte koekje kunnen een ander dus in gevaar brengen.
‘’Onze honden worden tijdens de training zo goed mogelijk voorbereid op hun toekomstige taak’’, vertelt Peter van der Heijden, hoofd Training en Cliëntenzorg. ‘’Vanzelfsprekend wordt er getraind om tal van afleidingen te weerstaan en om geconcentreerd aan het werk te blijven. Maar een hond is een dier en zal altijd interactie hebben met zijn omgeving. En de honden waar wij mee werken zijn heel specifiek geselecteerd op hun sociale gedrag. Dat maakt dat ze per definitie open staan voor menselijk contact.’’
‘’Sommige mensen denken misschien dat het zielig is dat de hond moet werken’’, vertelt Eveline Lentz-Mulder communicatieadviseur van KNGF Geleidehonden. ‘’Maar een geleidehond is ook gewoon huishond en krijgt dus echt genoeg affectie, beloning in de vorm van koekjes en mag ook elke dag spelen. Hond en baas hebben een hele sterke en liefdevolle band met elkaar. Maar als hij een tuigje om heeft is hij in functie en mag dan absoluut niet worden afgeleid. Bovendien gaan de honden na een aantal jaren trouwe dienst ‘met pensioen’. Ze zijn vanaf dat moment permanent huishonden en slijten de rest van hun dagen in een welverdiend ‘gouden mandje’.’’

Wat te doen als je een geleidehond tegenkomt op straat:

  • Lijn je eigen hond aan als je een geleide- of hulphond tegenkomt.
  • Houd je hond kort zodat hij niet onverwacht op de geleidehond af kan lopen.
  • Geef de geleidehond en baas de ruimte en laat hen voorgaan. Positioneer jezelf, indien noodzakelijk, tussen de twee honden in.
  • Onthoud dat een rustende of slapende hond ook ‘in functie’ kan zijn (denk bijvoorbeeld aan honden die getraind zijn op het opmerken van een op handen zijnde epileptische aanval of aan buddyhonden voor veteranen). Mocht je een hond graag willen aaien, vraag het dan altijd aan de baas en accepteer ‘nee’ als hij of zij zegt dat het niet kan.
  • Spreek niet tegen de hond, maak geen geluidjes, raak hem niet aan en geef hem geen brokjes.
  • Mocht je getuige zijn van een incident met een geleidehond, help dan waar je kunt. Je kunt een (extra) paar ogen zijn en indien nodig politie of ambulance bellen. Het is de ergste nachtmerrie van elke baas dat zijn of haar hond gewond raakt, maar voor een baas die niet kan zien wat er gebeurt en zonder hond niet veilig thuis kan komen is de impact nog veel groter.

Bron: Dierenpraktijken lente 2019

Hulphond

Op alle (behandelings)overeenkomsten zijn van toepassing de Algemene voorwaarden van de Koninklijke Nederlandse Maatschappij voor Diergeneeskunde, gedeponeerd ter griffie van de Arrondissementsrechtbank te Utrecht onder nummer 22/2008.