Gezellig nog een kat erbij, of toch niet...

Wanneer een kat veel alleen thuis is of als 1 van de twee katten komt te overlijden denken de eigenaren vaak dat het leuk is om er een nieuwe kat bij te nemen. Er wordt dan een kat uitgezocht die men leuk vindt en waarvan men denkt dat de eigen kat ook gecharmeerd zal zijn. Vol verwachting wordt de nieuwkomer op de armen naar binnen gebracht: “Kijk eens, Minou, een vriendinnetje voor je.” Wat daarna gebeurt voltrekt zich vaak zo snel dat menig eigenaar alleen nog maar verbijsterd kan toekijken. In het beste geval blazen de katten naar elkaar of vluchten weg. Maar even vaak vliegen ze elkaar krijsend in de haren, waarbij grote plukken vacht en soms ook urine en ontlasting door de kamer vliegen. Dit is natuurlijk zowel voor de beide katten als de eigenaar een zeer stresvolle situatie.
Tot ongeveer tien weken zijn katten van nature aardig voor elkaar, ook als zij elkaar nog niet kennen. Maar na die leeftijd verandert die openheid en vanaf ongeveer twaalf weken zijn katten vaak ronduit wantrouwend tegenover elkaar. Soms gaat het in 1 keer goed maar meestal duurt het weken voordat volwassen katten elkaar accepteren, en vaak is er dan slechts sprake van gewapende vrede.

Kernterritorium

Katten hebben een kernterrirotium, dat zich meestal in het centrum van hun jachtgebied bevindt. Zo’n kernterritorium geeft de kat een stukje veiligheid en rust. Daar kan hij zonder direct gevaar slapen, eten en -als het een vrouwtje is- jongen voortbrengen. Een kat zal zijn thuisgebied of kernterritorium met overgave beschermen tegen indringers.
Het jachtgebied is het gebied om het kernterritorium heen en heeft minder starre grenzen en vaak delen vrouwtjes het terrein. Intacte katers hebben een veel groter jachtgebied, soms wel zo’n tien keer zo groot, en houden geen rekening met de grenzen van het vrouwtjesjachtgebied. Binnenshuis levende katten verdelen het territorium in huis volgens dezelfde regels. Daarbij kan zelfs gebruik gemaakt worden van dagschema’s. Het lekkere zonnige plekje in de vensterbank behoort ‘s morgens aan de ene kat toe, terwijl ‘s middags de andere kat hier een zalig middagslaapje doet.

Wie het eerste wegkijkt, verliest

Wanneer twee katten elkaar tegenkomen, wordt via oogcontact beslist wie voorrang heeft. De katten staren elkaar aan. Degene die het eerste wegkijkt, heeft de laagste plaats en wijkt voor de ander. Mislukt het aanstaren, dan proberen de twee katten elkaar met dreigend gedrag te verjagen. Een enkele keer zal door gebrek aan een vluchtzone een bloedige vechtpartij ontstaan, maar meestal vlucht een van de twee katten.

Jonge katjes zijn minder bedreigend

Kittens uit hetzelfde nest hebben geen enkele plichtpleging nodig om tot spelgedrag te komen. Zij springen boven op elkaar en doen prooi- en vechtspelletjes om zich te oefenen voor later, als het leven eisen aan ze stelt. Jonge katjes die elkaar nog niet goed kennen, zullen eerst een kennismakingsritueel moeten ondergaan, waarbij de katjes elkaar besnuffelen. Meestal is het snel goed en gaan zij over tot al die spelletjes waar jonge katjes nu eenmaal zo dol op zijn.
Wanneer een jong katje een volwassen kat ontmoet, vertoont het jonge katje vaak een open en onderzoekend gedrag, terwijl de volwassen kat zich meestal afwerend opstelt. Toch is zo’n jong katje vaak minder bedreigend voor een volwassen kat en wennen ze makkelijker aan elkaar dan twee volwassen katten.

2-katten?